Van Grevenstein's Scheepswerf

Locatie: Noord 49, Krimpen aan de Lek

Van Grevenstein’s Scheepswerf wordt in 1926 opgericht door een aantal broers Van Grevenstein en men vestigt zich ter hoogte van het Zuiddiepje in Rotterdam IJsselmonde. Gedurende 45 jaar zijn hier ongeveer driehonderd kleinere schepen en jachten gebouwd. Daarnaast werden honderden schepen onderhouden en gerepareerd.

Verhuizing

In 1961 verhuist de werf naar Krimpen aan de Lek in verband met de bouw van de Van Brienenoordburg. Als plaats in Krimpen is gekozen voor de buitenpolder aan de Noord en aan de Bakkerskil, zo’n 10 km ten oosten van Rotterdam.
De aanleg van de werf werd gedaan door aannemingsbedrijf P. Stigter en zonen uit Ammerstol. Er wordt 15.000 meter3 klei afgegraven, zo ontstaat een terrein van 18.000 m2. Er komt een dwarshelling voor de nieuwbouw en reparaties van schepen.
Op 13 april 1961 werd het eerste schip gehellingd: ‘De Nieuwe Waterweg’ van Rijkswaterstaat, die een grondige opknapbeurt moet ondergaan.
Vanaf dat jaar wordt de capaciteit steeds verder uitgebreid tot drie langshellingen voor schepen tot maximaal 72 meter lengte.

Abraham

In 1992 wordt het droogdok gebouwd. De capaciteit van de scheepwerf breidde daarmee belangrijk uit. Het dok kreeg de naam ‘Abraham’; een eerbetoon aan de grondlegger van het bedrijf. In het zelf gebouwde schroevendok met een hefvermogen van 625 ton kunnen schepen tot 135 meter lang en max. 12,5 meter breed worden gedokt.

In het midden van de jaren zestig besluit de heer A. van Grevenstein het wat rustiger aan te doen en droeg hij de leiding over aan zijn zoons A.U. van Grevenstein jr. en J.F. van Grevenstein.