De kerk is in 1940 gebouwd aan de Dorpsstraat en heeft in 2004 een aanbouw gekregen. Het is een zaalkerk met ranke toren en een achtzijdige consistoriekamer. De kerk ligt buitendijks aan de Lek naast het veer en is gebouwd op de plaats van de oude kruiskerk.
Uit de 14e -eeuwse kerk zijn de preekstoel (1615) en een rijk gesneden houten doophek (ca 1730) met koperen doopboog (1773) bewaard gebleven en zijn in de huidige kerk geplaatst.
Bijzonder zijn ook de glas in loodramen (1940-1946), de ramen hebben ieder een eigen verhaal.
Tijdens de afbraak van de 600 jaar oude kruiskerk in 1939, zijn bij uitgraving van de funderingen diverse vondsten gedaan, zoals een sarcofaagdeksel uit de 14e eeuw. Hij staat in de toren opgesteld.
Ook uit de oude kerk is de Marialuidklok (1388). Deze staat na een aantal omzwervingen sinds 2005 weer in Krimpen aan de Lek in de tuin van het wooncomplex de Dertienhuizen.
Op de torenspits van kerk prijkt, in plaats van het haantje, de afbeelding van een walvis. Een herinnering aan het feit dat in de 18e eeuw veel Krimpenaren ter walvisvaart gingen. Ook veel straatnamen houden de herinnering aan deze vervlogen tijden levend.
Het uit hout gesneden doophek in de kerk herinnert ook aan die tijd, het is een geschenk o.a van reder Van Holst. Op de Algemene Begraafplaats aan de Molenweg liggen de 17e -eeuwse grafzerken afkomstig uit de in 1939 afgebroken kerk. Grafzerken van o.a. walvisvaarder Michiel Ockerszoon Hoogerzeyl (1779) en reder en Hoogheemraad Gerret van Holst Krijnszoon (1790).